Foto: Living Off Grid (Flickr)

hetkanWel-blogger Rozemarijn bouwt aan een eetbaar bos in Frankrijk. Op een stuk grond van 20 hectare in de Dordogne probeert ze, samen met haar partner, de principes van permacultuur in de praktijk te brengen. Ook in haar Haagse achtertuin tuiniert ze er op los. Op hetkanWel doet ze verslag van haar belevenissen én schrijft ze over “gezonde voeding van grond tot mond”.

In het vorige deel betoogde ik dat vegetarisch eten niet zo gezond is als vaak wordt gedacht, hoewel geen enkel dieet voor iedereen even geschikt is. Vandaag ga ik verder met mijn verhaal over waarom geen enkel oervolk vegetarisch was & er twijfel is over de slechte eigenschappen van vlees.

Lees ook
Walnoot/chocolade brownie met… zwarte bonen
Granen, toch nog even in de week leggen
Instant bevrediging: zelf chocolade maken

Geen enkel oervolk puur vegetarisch

Pas sinds de agrarische revolutie 10.000 jaar geleden zijn onze eetgewoonten drastisch gaan veranderen. Dat is nog maar zo’n 333 generaties geleden. Niet veel voor genen om een aanpassing (lees: natuurlijke selectie) te ondergaan. Door het verbouwen van graan nam het gehalte aan koolhydraten in ons dieet toe. Dit is zeer waarschijnlijk de reden voor veel van onze welvaartsziekten. Maar ook in die tijd was vlees nog volop een onderdeel van het menu, mede door het domesticeren van dieren.

Zowel volgens Cordain als volgens schrijver H. Leon Abrams (Vegetarianism: an anthroplogical/nutritional evaluation), is er geen samenleving geweest in de geschiedenis van de mensheid die een geheel vegetarisch dieet had. De Hindu’s in India komen het dichtst in de buurt. Die eten bijna alleen maar plantaardig voedsel, gebaseerd op de richtlijnen van de veda’s. Maar dat is dus ook pas ‘recent’ ontstaan (de veda’s dateren van vlak voor het begin van onze jaartelling, zo’n 3000 jaar dus maar). Echter, Hindu’s zijn geen toonbeeld van gezondheid. Een groot deel van hen leidt aan kwashiorkor (ondervoeding door gebrek aan eiwit), andere vormen van ondervoeding en ze hebben de kortste levensverwachting ter wereld (S. Fallon, Nourishing Traditions). Die lage levensverwachting heeft waarschijnlijk voor een groot deel  te maken met het veelvuldig voorkomen van diabetes. Wat weer een directe link heeft met het hoge gehalte aan koolhydraten in een vegetarisch dieet.

Vegetarisch niet gezonder

Foto: wikimedia commons

Kortom: pas in het moderne verleden zijn er groepen mensen puur vegetarisch gaan eten. En dat leidde over het algemeen niet tot betere gezondheid. Dr. Weston A. Pricebezocht begin twintigste eeuw, vlak voor de verspreiding van het ‘moderne dieet’, 30 jaar lang traditionele volkeren overal ter wereld. Hij analyseerde hun gezondheid aan de hand van hun tanden en hun dieet. Hij kwam tot de conclusie dat de volkeren die graan-gebaseerde dieten hadden minder gezond waren dan de stammen die ook dierlijke producten aten. Ze hadden meer cariës en zwakkere botten. Hij schreef: ‘It is significant that I have as yet found no group that was building and maintaining good bodies exclusively on plant foods. A number of groups are endeavoring to do so with marked evidence of failure.‘ (Weston A. Price, Voeding en fysieke degeneratie).

Toch bestaat er bij velen de overtuiging dat een vegetarisch dieet tot grotere gezondheid zou leiden. Pas recentelijk zijn er twee grote onderzoeken gedaan om te kijken of vegetariërs inderdaad gezonder zijn en langer leven dan vlees-eters.  De uitkomst van deze metastudies was twee keer: nee. In 1999 maakte Key een vergelijking tussen 27.000 vegetariërs en 48.000 vleeseters. De conclusie was dat er geen verschil in sterftecijfers bestaat voor de meest gangbare welvaartsziekten, en zelfs niet voor alle doodsoorzaken gecombineerd. Vegetariërs doen het dus niet beter dan gemiddelde hamburgereter concludeert Cordain… In 2009 is de grootste groep vegetariërs ooit (33.000) bekeken in de EPic-Oxford study. Ook daar vond men geen verschil in sterfte tussen vleeseters en vegetariërs (Bron: Cordain, The paleo answer.)

Recentelijk werd er in de media wel weer geclaimd dat vegetariërs tot 9 jaar langer leven. Die conclusie was gebaseerd op onderzoeken onder de Zevendedagadventisten die zich aan een streng dieet houden en gemiddeld 7 jaar ouder worden. Maar lees dit even:‘Zevendedagsadventisten staan erom bekend dat ze zich houden aan de spijswetten uit Leviticus 11. Dat betekent onder meer dat ze geen paarden- en varkensvlees eten, geen tabak gebruiken, geen alcoholische dranken drinken en geen garnalen of ongeschubde vis eten.‘ Als je leest dat ze ook geen alcohol gebruiken en wellicht wél bepaalde soorten vlees en vis eten, lijkt de veralgemenisering naar alle vegetariërs alweer een stuk minder correct. De meta-studies die hier boven zijn genoemd hebben als voordeel dat ze de meeste onderzoeken die er tot nu toe zijn gedaan op dit gebied hebben geanalyseerd; een veel diversere onderzoeksgroep dus.

Vegetarische bijbel onderuit

Door vegetariërs wordt vaak de China-study (C. Campbell) aangehaald als ‘bewijs’ dat een plantaardig dieet juist wel gezonder zou zijn. In dat onderzoek stelt Campbell dat we de meeste (welvaarts)ziekten kunnen voorkomen door een geheel plantaardig dieet te eten (geen vlees, vis of zuivel) en door drastisch minder eiwit te eten. Het onderzoek is gebaseerd op een analyse van verschillende provincies in China. De sterftecijfers voor bepaalde ziekten bleken per provincie enorm te verschillen. Campbell en zijn team hebben toen gekeken wat de stammen in de verschillende provincies voor dieet hadden.Campbell heeft later een boek geschreven op basis van die data: The China study. Daarin legt hij met name een verband tussen een hoog cholesterol en moderne ziekten en tussen dierlijk eiwit en kanker.

Er is echter behoorlijk wat kritiek op dit boek. Die kritiek gaat vooral over de manier waarop Campbell op basis van zijn observaties conclusies trekt en causale verbanden legt die niet hard te maken zijn. Zo is zijn verband tussen dierlijk eiwit en kanker alleen gebaseerd op onderzoek naar caseine en kanker. De uitkomsten daarvan kan je niet zomaar generaliseren naar alle dierlijke eiwitten.  Een korte versie van de kritiek door een andere wetenschapper vind je hier, of bij Dr. Mercola. Een blogger met een obsessie voor cijfers heeft alle data nagetrokken en vele fouten in de conclusies ontdekt en minitieus weerlegd (zo gedetailleerd dat Campbell er wel op moest reageren, power to the bloggers!).

Vlees kankerverwekkend?

De relatie tussen het eten van vlees en een verhoogde kans op kanker wordt vaker als argument naar voren geschoven voor een vegetarisch dieet. Nourishing Traditions legt echter duidelijk uit dat de studies die op een verband wijzen tussen vlees-eten en kanker meestal mank gaan. Zo wordt het effect van toegenomen kanker bij vlees-eters toegeschreven aan het vlees; terwijl er nog vele andere factoren in het spel zijn.

Meestal wordt vlees in het moderne dieet (zeker bij de fastfoodrestaurants) bereid in geharde plantaardige oliën op hoge temperatuur. Daarvan is alom bekend dat het kankerverwekkend is (hoe hoger de temperatuur hoe slechter; reden om barbecuen tot een minimum te beperken en vlees liever in een slow-cooker te bereiden dan op hoog vuur). Ook wordt er meestal niet gekeken naar wat er verder nog in het vet van ‘gangbaar’ vlees zit (zoals resten van antibiotica en pesticiden) en wat er niet in zit (geen goede verzadigde vetten doordat de dieren graan en soja eten in plaats van gras).

De studies keken meestal ook niet naar de consumptie van suiker en witmeel, terwijl dat meestal samengaat in de welvaartslanden waar ook veel vlees wordt gegeten. Er zijn wel volkeren die supergezond bleven op heel veel vlees (denk aan de Eskimo’s of Masai en onze voorouders in het algemeen), maar niet op heel veel suiker en zetmeel uit plantaardige bronnen. Sterker nog; op de meeste plekken waar traditionele volkeren het moderne dieet met veel meer suiker en koolhydraten gingen eten, ontstonden welvaartsziektes (J. Yudkin, Sweet and dangerous).

Sally Fallon merkt wel op dat van oudsher veel volkeren af en toe vasten-periodes invoegden zonder dierlijke producten. Meestal noodgedwongen in de late winter en het vroege voorjaar als eten schaars was. Maar het werd ook erkend als een gewoonte met reinigende werking. Dit wordt ondersteund door recente observaties dat vleesloze dieten goede resultaten kunnen boeken bij de bestrijding van kanker, arthritis en nierpoblemen. Echter, als het te lang wordt volgehouden ontstaan de problemen van nutriëntentekorten en alle gevolgen vandien (S. Fallon, Nourishing Traditions).