Een aantal wetenschappers die hun sporen hebben verdiend in het onderzoek naar klimaatverandering, roepen milieu-activisten op om kernenergie te omarmen. Volgens hen kunnen zonnepanelen en windmolens niet snel fossiele brandstoffen vervangen. Daarom is meer kernenergie een goed idee. Er zijn volgens de wetenschappers risico’s verbonden aan kernenergie, maar die verbleken bij het risico van een voortgaande opwarming van de aarde.

Brief van wetenschappers

De wetenschappers schreven een brief die gisteren gepubliceerd werd. De schrijvers zijn James Hansen, een wetenschapper die tot voor kort bij de NASA werkte, Ken Caldeira van het Carnegie Instituut, Kerry Emanuel van de Massachusetts Institute of Technology en Tom Wigley, werkzaam aan de universiteit van Adelaide in Australië. Alle vier hebben jarenlang onderzoek gedaan naar klimaatverandering en hebben gepubliceerd in toonaangevende wetenschappelijke tijdschriften, zoals Nature.

Hernieuwbare bronnen

Uit de brief van de wetenschappers: “Hernieuwbare bronnen, zoals wind, zon en biomassa, zullen zeker een rol spelen in het toekomstige energielandschap, maar deze energiebronnen kunnen niet snel genoeg opgeschaald worden om de goedkope en betrouwbare energie te leveren op een schaal die de wereldwijde economie nodig heeft. In theorie is het mogelijk om het klimaat te stabiliseren zonder kernenergie, maar in de echte wereld is er geen geloofwaardig pad naar klimaat stabilisatie die niet een substantiële rol toebedeelt aan kernenergie.”

De wetenschappers vinden dat er vooral nieuwe vormen van kernenergie een kans moeten krijgen, bijvoorbeeld centrales met passieve veiligheidssystemen. Deze zijn zo ontworpen dat mocht er een probleem ontstaan de kernreactie vanzelf stopt. De wetenschappers noemen dit “21ste eeuwse kernenergie technologie.”

De hele brief kun je vinden op de Google+ pagina van Kerry Emanuel
Bron: Associated Press

Chinezen zetten in op Thorium

Volgens experts is het mogelijk kernenergie schoon en veilig te maken, namelijk met Thorium. Deze stof is een neefje van Uranium, wat in de huidige kerncentrales wordt gebruikt. Kernenergie op basis van Thorium heeft verschillende voordelen: het levert minder kernafval, er komt geen Plutonium vrij waar terroristen een bom van kunnen maken, het is veiliger, in grote hoeveelheden aanwezig en het is een stuk efficiënter.

Geen plutonium

Thorium werd tot nu toe weinig gebruikt wordt voor kerncentrales omdat er bij de productie geen plutonium vrij komt. Tegenwoordig wordt dat gezien als een pluspunt. In de begintijd van de kerncentrales, tijdens de Koude Oorlog in de jaren ’50 van de twintigste eeuw, wilden regeringen juist graag plutonium hebben om kernbommen mee te maken. Daarom werd gekozen voor het minder veilige en ook viezere Uranium.

Alternatieve brandstof

Volgens een Nederlandse expert is Thorium veelbelovend als alternatieve brandstof. Echter om tot commerciële toepassingen te komen zijn grote investeringen nodig in ontwikkeling en onderzoek. Het kan nog tientallen jaren duren voordat er een echte Thorium kerncentrale gebouwd kan worden. Een tussenoplossing is echter wel mogelijk. Hierbij worden bestaande modellen van kerncentrales aangepast voor gebruik van Thorium.

Gesmolten zout reactor

De Chinezen zetten 268 miljoen euro in om de ontwikkeling van een “gesmolten zout” reactor. Dit type reactor heeft geen waterkoeling nodig. De falende waterkoeling na de tsunami zorgden bij Fukushima voor de kernramp. Ook Japan en Noorwegen zijn bezig met de ontwikkeling van dit nieuwe type reactor. India werkt met een zwaarwaterreactor, ook een nieuw, weinig toegepast ontwerp. India heeft grote voorraden Thorium.

Volgens een Nederlandse expert op het gebied van reactorfysica, Jan Leen Kloosterman, bevat de vier tot vijf keer zoveel thorium als uranium: “In potentie is er voldoende thorium om de hele wereld tienduizenden jaren van elektriciteit te voorzien. De vraag is of het ook economisch te winnen is, en of de prijs van elektriciteit uit thorium laag genoeg kan worden gemaakt. Ik heb daar wel vertrouwen in.” Kloosterman is echter bang dat met de grote onderzoeksbudgetten in het oosten, Europa voorbij gestreefd wordt.

Lees het hele artikel op Volkskrant.nl