Hoeveel spijkerbroeken heb jij in de kast hangen? Een, twee of meer? Voor de meeste mensen is een goede spijkerbroek onmisbaar en daarom zijn we blij dat er steeds meer duurzame merken op de markt komen

Vorige week ontdekten we het Antwerpse denimlabel HNST (staat voor HoNeST). Zij wonnen samen met spinnerij ESG een belangrijke Belgische designprijs en zo kwamen we ze op het spoor. HNST blijkt grote ambities te hebben om de mode industrie radicaal te verduurzamen en de circulaire economie het nieuwe normaal te maken.

Alles aan het productieproces klopt en alle stappen zijn toegelicht op de website. We zetten er een aantal voor je op een rij.

Oude en nieuwe garen

Feit is dat gemiddeld vijftig procent van onze kleding bij het restafval belandt. Dat is ontzettend zonde – daar zijn we het allemaal we over eens – en ook niet nodig. Als je de kleding uit elkaar zou halen, kun je de vezels nog een keer gebruiken. De versleten kleding kan gebruikt worden als vulling voor bijvoorbeeld stoelen. De goede kleding kan gerecycled worden.

Het is niet zo dat je het er een-op-een een nieuwe broek of trui van kunt maken, maar met een mix van oude en nieuwe vezels kun je weer een kledingstuk van goede kwaliteit maken. HNST deed in België een oproep om oude broeken in te zamelen en veel mensen gaven daar gehoor aan. Er werden 6003 broeken ingeleverd, die de basis vormden voor nieuwe modellen.

Stof van eucalyptus bomen

Voor de jeans gebruikt HNST 50 % oude vezels en 50 % nieuwe Tencel vezels. Tencel is de merknaam voor stof van lyocell. Lyocell is 100% natuurlijk en wordt gemaakt van cellulose uit eucalyptus hout, van duurzaam beheerde bomen. Dit maakt de spijkerbroek duurzamer dan de ‘gewone’ katoenen exemplaren.

Productie in Europa

Een kledingstuk reist gemiddeld 23.000 km. Als de productie in Europa plaatsvindt, scheelt dat natuurlijk behoorlijk in CO2 uitstoot.

De broeken van HNST worden met natuurlijke verf gekleurd in Italië. Ze gebruiken daarbij geen synthetische stoffen. Hierdoor verliest de broek bij het wassen geen microplastics. Voor de ‘stonewash’ gebruiken ze geen stenen, maar enzymen. De patronen worden met een laser gesneden, waardoor er niet meer stof wordt gebruikt, dan nodig is en het bleken gaat met ozon. Voor elke behandeling is er dus een duurzaam alternatief. Tenslotte is er nog een reparatieservice voor als de broek kapot gaat.

En verder nog

Tenslotte zijn de knopen nog herbruikbaar en zo van de broek te schroeven, binnenzakken zijn gemaakt van gerecycleerde witte T-shirts, garen hebben een gouden cradle-to-cradle certificaat, de ritsen zijn modulair en de labels composteerbaar.

Iemand ervaring?

Het klinkt dus echt heel goed allemaal. Op de foto’s zien de broeken er ook heel mooi uit, maar we zijn benieuwd of iemand er al een heeft en wat de ervaringen zijn. De prijs kan wel een drempel zijn om deze bijzondere spijkerbroek aan te schaffen. Ze zijn behoorlijk duur, maar toch, als je bedenkt dat ze heel lang mee gaan, is het misschien de investering waard. Wat vind jij?