Of ze zich nou carnivoor, pescotariër, (flexi)-vegetariër of vegan noemen; tegenwoordig willen steeds meer mensen, vaker plantaardig koken en eten. Nou is plantaardig koken helemaal niet moeilijker dan koken met dierlijke producten, maar als je het niet gewend bent, moet je soms wel even oefenen met nieuwe recepten. Veel nieuwbakken of experimenterende veganisten maken tijdens het koken dezelfde fouten, waardoor ze uiteindelijk ofwel niet zo smakelijk, ofwel niet zo gezond eten. Hier lees je welke fouten dat zijn, en vooral hoe jij ze kunt voorkomen!

1.  Je laat gewoon de dierlijke producten weg

At je voorheen standaard een avondmaaltje van aardappels, vlees en groenten? Dan ben je misschien geneigd om het vlees voortaan weg te laten uit je nieuwe plantaardige dieet – en het niet te vervangen door een plantaardige eiwitbron. Veel beginnende veganisten verdelen hun bord tussen nog méér aardappels en nog méér sperziebonen of spinazie, dan vroeger. Ze denken dat ze op die manier niet alleen een vol, maar ook een gezond bord opmaken. Dat is niet verstandig, want op deze manier kun je al gauw belangrijke nutriënten te kort komen. Daarbij creëer je op deze manier een weinig-spannend gerecht.

Zonde, want de simpele, plantaardige keuken heeft zoveel te bieden! Veganistisch koken vereist daarvoor alleen wat nieuwsgierigheid en een andere mindset. Niet of-of, maar en-en. Geef groenten de hoofdrol en varieer daarin met verschillende kleuren en smaken door elkaar. Gooi je boodschappenmandje vol met allerlei groenten: pompoen, aubergine, zoete aardappel… Koop vooral ook dingen die je normaal nooit gebruikt: aardpeer, bijvoorbeeld, of knolselderij. Vul vervolgens je bord voor driekwart met verschillende groenten en de rest met peulvruchten en granen (boekweit, spelt, couscous, bulghur, quinoa, rijst, pasta of aardappels). Verse kruiden erover en geregeld een plantaardig eiwitbommetje zoals tofu, tempeh, seitan of ‘nep-vlees’. Dan eet je heerlijk en gezond vegan.

2. Je kookt te weinig of te mager

Veel veganisten onderschatten hoeveel calorieën er in vlees en zuivel zitten, en daarmee onderschatten ze ook hoeveel plantaardig eten je nodig hebt om voldoende nutriënten binnen te krijgen. Met een salade voor het avondeten ben je er niet als je een actief leven leidt. Je lichaam heeft ook gezonde vetten nodig en andere energiebronnen. Als je vlees of kaas uit je voedingspatroon weglaat, mag je, afhankelijk van jouw constitutie en energiebehoefte, dus gerust wat extra noten, avocado’s, kokosyoghurt of andere voedzame producten toevoegen aan je maaltijden. Geen straf, als je het ons vraagt!

3. Je denkt dat vegan per definitie gezond is

Veganisme is geen dieet maar een leefstijl. En hoewel de meeste onderzoeken aantonen dat een plantaardig voedingspatroon veel gezondheidsvoordelen biedt ten opzichte van diëten met veel vlees en zuivel erin, kun je jezelf natuurlijk ook tekortdoen als je op een onverstandige of naïeve manier vegan gaat. Een plantaardig voedingspatroon kan bijvoorbeeld heel ongezond zijn, als je alleen maar leeft op chips en wodka (hartstikke vegan, allebei). Of op kant-en-klare, flink bewerkte, moddervette producten zoals veganistisch snoep en ijs. Maar plantaardig eten kan juist enorm gezond zijn, als je genoeg en gevarieerd eet, en kookt met volwaardige, onbewerkte producten.

Veel kook-en eetplezier!

Heb jij nog tips om plantaardig koken makkelijker te maken? Laat het ons dan vooral weten door hieronder een reactie achter te laten.