We hebben veel, we willen veel en we denken vaak dat we nog meer nodig hebben. De afgelopen decennia is de hoeveelheid elektrische apparatuur die we in huis en op ons werk hebben staan enorm toegenomen. Alleen al in de keuken is dat goed te zien. Het hele aanrecht staat vol met apparaten waarmee we kunnen snijden en hakken, waar we brood mee kunnen bakken en waar we hele kleine kopjes Espresso mee kunnen maken. Wees eerlijk. 

Hebben we dit allemaal echt nodig? Het kost een heleboel geld om aan te schaffen en vaak eindigt zo’n hip apparaat na enige tijd ergens in een diepe kast, omdat er weer iets nieuws op de markt is gekomen, wat nog hipper is. Wordt het niet tijd om een beetje te gaan consuminderen? Dat is niet alleen goed voor je portemonnee, maar ook voor het milieu.

Sluipenderwijs meer energiegebruik

Ook het aantal draagbare elektrische apparaten is toegenomen. Vrijwel iedereen heeft tegenwoordig een smartphone, een tablet en een laptop. Al die apparaten moeten regelmatig opgeladen worden. Je wilt natuurlijk niet dat je ergens met een lege smartphone komt te staan, dus de oplader is voortdurend in gebruik als je thuis bent. Dat kost energie, vooral als je de oplader altijd in het stopcontact laat zitten. Dit heet sluipverbruik. Door al die verschillende opladers van alle verschillende apparaten kan dit bij elkaar op den duur aardig in de papieren gaan lopen. Een alternatief is het gebruiken van een powerbank. Dit is een externe batterij die je mee kunt nemen en waarmee je zowel je smartphone als je tablet als je laptop en wat je nog meer bij je hebt, ter plekke kunt opladen. Alleen de powerbank hoeft dan bij thuiskomst opgeladen te worden. Handig. Maar wel die oplader uit het stopcontact halen als de powerbank opgeladen is. Dat scheelt (een beetje) energie en is vooral verstandig in verband met brandgevaar. 

More is less

De hoofdvraag blijft natuurlijk of we al die spullen wel zo nodig hebben. gaat niet alleen over elektrische apparatuur, maar ook over bijvoorbeeld boodschappen doen en kleding kopen. Zo wordt er per jaar 40 kilo voedsel per persoon weggegooid. Voedsel dat prima te eten is, maar om verschillende redenen wordt weggegooid. Te veel ingekocht, te veel gekookt of niet lekker zijn de belangrijkste redenen die genoemd worden. Bewuster inkopen en het instellen van een ‘kliekjesdag’ zijn manieren om hier een einde aan te maken. Bedenk dat ook voor het produceren van voedsel behoorlijk wat energie gebruikt wordt. Energie die verspild is zodra je het voedsel ongebruikt weggooit. 

Hetzelfde geldt voor kleding. Je kunt er kasten vol van hebben, maar je draagt meestal maar een paar kledingstukken. De rest hangt doelloos in de kast. Wat doe je met kleding die overbodig, te groot/klein of kapot is? Oude kleding en andere overbodige spullen kun je het beste naar een kringloopwinkel brengen. Als je daar toch bent, kun ook eens rondkijken of er niets staat wat jij zelf kunt gebruiken. Spullen hergebruiken is niet alleen een kwestie van geld besparen, maar ook van energie besparen. Wil je iets nieuws kopen? Koop dan alleen wat je echt nodig hebt en niet op een andere manier kunt krijgen. 

Photo by NordWood Themes/Unsplash