Stel je voor dat je zomaar op een goudmijn in je achtertuin stuit. Het zou een begin van een sprookje kunnen zijn. In Nederland is de kans klein dat het gebeurt, maar in Oeganda behoort het tot de mogelijkheden. Wat gebeurt er dan? HetkanWEL sprak er over met Akky de Kort van Hivos/Stop Kinderarbeid en Gersom Aliaga Ferrufino van Fairphone.

279 duizend kilogram goud 

Wereldwijd gebruiken we elk jaar 279 duizend kilogram goud. Dit heeft een waarde van 10 miljard euro. Het grootste deel wordt gebruikt voor sieraden (47,4%) of als investering (36.2%). De centrale banken hebben 8.9% in bezit en 7.5% van het totaal wordt gebruikt voor elektronica. En dat laatste is niet bij iedereen bekend.

Elektrische apparaten 

Goud is een onmisbare stof in het verbinden van elektronische componenten. Het roest niet, reageert niet met andere elementen en kan in elke vorm gegoten worden. Daarnaast gaat het oneindig lang mee en kun je het telkens weer opnieuw gebruiken. Een geweldig materiaal, maar de weg die goud aflegt van de mijn tot in de fabriek, is geen sprookje.

Iedereen springt op de goudmijn

Akky vertelt: “In Oeganda is de goudindustrie informeel, kleinschalig en nauwelijks georganiseerd. Het komt echt voor dat een boer op zijn land werkt en op goud stuit. Als dat bekend wordt, springen er allemaal mensen bovenop die willen komen mijnen. Dat zijn een soort maffiapraktijken, want eigenlijk is de overheid eigenaar van alles wat er onder het oppervlakte zit. De boer moet dus belasting betalen over het gedolven goud.

Veel boeren willen de overheid niet betrekken en gaan zelf aan de slag. Ook met de hulp van kinderen. Akky: “In Oeganda werken zo’n 15.000 kinderen in de goudmijnbouw. Zij komen dagelijks in contact met giftige stoffen, zoals kwik. Om die kinderen uit de mijnen te halen en op school te krijgen, zijn grote veranderingen nodig. Dat lukt alleen als een hele community zich daarvoor wil inzetten.

Om dat te bereiken, spreken we met bedrijven, lokale non-profits, de lokale overheid, leraren, scholen, ouders en kinderen over de voordelen van kinderarbeidsvrije-zones. Dit zijn vaak dorpen of gemeenschappen. Het doel is dat alle partijen samen beslissen dat kinderen op school horen te zitten en daar op hun eigen manier aan bijdragen. Het kost tijd om te realiseren, maar als het lukt, verandert er echt iets.”

Onderstaande video laat zien hoe dit werkt. Een leraar in Mali vertelt over zijn strijdt tegen kinderarbeid in de goudmijnen. Een situatie, die vergelijkbaar is met de situatie in Oeganda.

Het terugdringen van kinderarbeid 

Fairphone is een van de weinige elektronicabedrijven waar het terugdringen van kinderarbeid hoog op de agenda staat. Van de mijn tot de fabriek.

Gersom vertelt: “Fairphone heeft als doel om de hele keten van telefoons te verduurzamen. We willen een voorbeeld zijn voor andere bedrijven. Als industrie moeten we onze verantwoordelijkheid nemen. De keten van goud is ingewikkeld, maar de werkomstandigheden zijn zo slecht dat we ons daar hard voor willen maken, door duurzaam goud in de keten te brengen. Ondanks dat we zelf maar weinig goud nodig hebben. We zijn dan wel geen groot merk, zoals Apple, maar we kunnen wel een verschil maken en iets in gang zetten.”

De sector veranderen, kunnen we niet alleen 

Gersom: “De sector veranderen, kunnen we niet alleen. Daarom werken we intensief samen met Hivos/Stop Kinderarbeid, Solidaridad, Fairtrade, Unicef en Philips. Samen richten we ons in Oeganda op het verbeteren van de veiligheid, het uitbannen van kinderarbeid en het welzijn van de mijnwerkers. Het is een moeilijke omgeving om te werken, want niets is zwart-wit. Mijnen is geen hobby. Het is vaak het enige werk dat beschikbaar is. En het is heel gevaarlijk. We zien wel verbeteringen. De gemeenschappen waar we actief zijn, zijn positief.

Akky: “We zien ook dat er kleine ‘mining associations’ ontstaan. Doordat mijnwerkers zich verenigen en organiseren, krijgen ze een betere regeling van de overheid, maar zijn ze ook beter bereikbaar voor voorlichting over veilige werkomstandigheden en de noodzaak om kinderarbeid uit te bannen.”

Gersom: “Ik ben hoopvol over de ‘mining associations’. Daardoor zien ook anderen dat een dergelijke samenwerking loont. Daarnaast kunnen we ze ook van machines voorzien. Zodra ze daarmee gaan werken, zien ze het ook terug in hun inkomsten.”

Al het goud op een hoop 

Volgens Gersom is de sector ook belangrijk, omdat de vraag naar goud stijgt. Al het goud uit de sector gaat naar fabrieken in de Verenigde Staten, Canada, Duitsland en Zwitserland. Daar wordt het bewerkt en gesmolten. Eenmaal gesmolten, is het moeilijk te achterhalen waar het vandaan komt. Dat is iets om in de toekomst aan te werken.

Jij als consument 

Als consument weet je dus niet waar het goud in jouw telefoon vandaan komt, maar je kunt wel achterhalen wat de producent van jouw telefoon doet om kinderarbeid tegen te gaan. Er is nog een hele lange weg te gaan om kinderarbeid helemaal uit te bannen, maar bij Fairphone zijn ze positief. Ze zijn ooit gestart om de sector te veranderen en ze wisten dat het niet vanzelf zou gaan. Toch nemen ze belangrijke stappen en zijn ze een voorbeeld voor anderen. En dat wordt beloond door consumenten, want in augustus lanceerden ze alweer hun derde model: de Fairphone 3.

De aanpak van Hivos/Stop Kinderarbeid is effectief, doordat een gemeenschap zelf beslist dat kinderarbeid moet stoppen. Jij kunt ze daarbij helpen, door bewuste keuzes te maken. Het vraagt om een kritische blik en het kost wat meer tijd, maar zeg nou zelf; het idee dat kinderen hebben gewerkt aan jouw telefoon, sieraad, tuintegels, spijkerbroek of kopje thee, daar word je toch heel verdrietig van.

Denk jij bij het kopen van nieuwe producten na over kinderarbeid? Laat het ons weten door hieronder een reactie achter te laten.

Foto’s Danwatch/StopKinderarbeid