“Alles draait om beweging”, “beweging is het allerbelangrijkste”, “blijf bewegen!”: overal lees je dat beweging belangrijk is. Logisch, en actueel ook, tijdens deze coronapandemie, maar soms heb je gewoon niet zo’n zin. Bij mij komt het met vlagen. De ene week loop ik vliegend naar buiten en haal ik met gemak 8.000-10.000 stappen per dag, maar de week erna kan het zomaar zijn dat ik niet verder kom dan een ‘schamele’ 3.000-5.000 stappen. Hoe zorg je ervoor dat je jouw stappendoel wél haalt? 

Wandelen is gezond, het zorgt voor minder stress en je slaapt beter. Tijdens de eerste lockdown in april ging ik dan ook voortvarend aan de slag. Mijn doel was toentertijd 10.000 stappen per dag. Als dat betekende dat ik ’s avonds nog een ommetje moest maken, deed ik dat, met gemak. Nu is dat anders, en wellicht heeft dat met het seizoen te maken, maar ik merk ook dat ik extra teleurgesteld ben als ik het doel niet heb behaald. Sinds ik me daar bewust van ben, heb ik het stappendoel teruggeschroefd. Ik vraag al genoeg van mezelf in deze tijd, dus je somber voelen over een niet behaald stappendoel vind ik onnodig en bovenal heel ongezellig. Niet alles hoeft perfect. Daarom ging ik op zoek naar tips die helpen bij het halen van een (realistisch!) stappendoel.

Tip 1: kies een realistisch doel

Hierboven stipte ik het al even aan: het moet wel leuk blijven. Als jij iedere dag je stinkende best moet doen voor 10.000 stappen en vervolgens teleurgesteld bent omdat het niet lukt, dan heb je een onrealistisch doel voor jezelf gesteld. Ik merk dat ik vaker niet dan wel aan de 10.000 stappen kom en dat heeft alles te maken met de lockdown en mijn beroep (ik zit de hele dag op een bureaustoel als ik niet uitkijk). Ik voel me momenteel prettiger bij een doel van 7.500 stappen per dag. Dat is haalbaar en goed genoeg.

Tip 5: knip je doel op in delen

Vind je een doel van 10.000 of 7.500 stappen heftig klinken (snap ik!)? Knip ‘m dan op in meerdere delen. Bijvoorbeeld: ik moet 1.000 stappen vòòr 10.00 uur. Of 5.000 stappen vòòr 13.00 uur. Misschien voelt zo’n tussendoel een stuk realistischer. Bovendien kan je dan meerdere keren ‘vieren’ dat je een doel hebt behaald, ook niet geheel onbelangrijk.

Tip 2: kies je vervoersmiddel bewust

Als je altijd met de auto of fiets naar de supermarkt of je werk gaat, dan sta je er soms niet bij stil dat het ook prima wandelend kan. Bedenk dus of je voor bepaalde afspraken of bestemmingen de benenwagen kan pakken in plaats van de fiets of auto. Dan zet je zomaar een paar duizend stappen extra.

Tip 3: combineer andere taken met een wandeling

Heb je een belafspraak met een collega of moet je luisteren naar een webinar of college? Zoek je oordoppen en ga naar buiten! Een belafspraak of webinar kan je namelijk prima combineren met een wandeling. Dikke kans dat je je stappendoel veel sneller haalt. Ik maak vaak tussen de middag een wandeling, dat is dan direct mijn pauze. Als ik niet naar buiten ga schiet die pauze er überhaupt vaak bij in. Dan blijf ik toch ‘nog even’ zitten om iets af te maken. Voordat ik ’t weet is het dan ineens 5 uur en ben ik nog steeds niet buiten geweest.

Tip 4: kijk nog eens goed naar de inrichting van je werkplek

Heb je alles binnen handbereik van je werkplek? Dat is natuurlijk hartstikke praktisch en efficiënt, maar daarmee ga je jouw stappendoel niet halen. In huis zet je namelijk ook best veel stappen, mits je een reden hebt om op te staan. Heb je thee gezet? Zet de theepot op het aanrecht en vul in de keuken je mok met nieuw theewater. Dat zijn toch weer een paar stappen. Of gebruik je een wekker (de pomodoro-methode) voor meer concentratie? Zet de wekker in een andere kamer, dan heb je ook direct een korte break.

Heb jij een stappendoel? En heb je tips voor het behalen van dat doel? Laat het weten in een reactie!