Een jaar of tien geleden ging ik op een warme voorjaarsdag wandelen in het bos. Ik bleef keurig op het pad, droeg een lange broek en dichte schoenen en had niet zoals de boswachter achteraf gekscherend vroeg ‘liggen rollebollen in het gras’. En toch kwam ik terug met maar liefst tweeëntwintig tekenbeten. Omdat ik er pas de volgende dag achter kwam – die teken zijn in eerste instantie nog piepklein – kreeg ik een zware antibioticakuur. Geen kattenpis kan ik je vertellen. Voorkomen is beter dan genezen en daarom in deze blog alles wat je moet weten over tekenbeten en hoe ze te voorkomen.

Teken: wat, waar, wanneer

Teken zijn geleedpotigen die lijken op kleine, platte spinnetjes – zo’n één tot drie millimeter groot – die zich voeden met het bloed van zoogdieren, vogels en reptielen. Ze leven in bossen, duinen, weilanden, heidegebieden, parken en tuinen maar bevinden zich vooral in hoog, schaduwrijk gras en onder dode bladeren bij bomen en struiken. Dat teken ook regelmatig uit bomen vallen, is een fabel. Teken houden van lekker warm weer – de tekenbetenpiek is in juni en juli – maar zijn al actief boven de 7 graden waardoor je van maart tot oktober gebeten kunt worden. Op Tekenradar kun je actuele informatie vinden over de tekenverwachting en de gebieden waar grote tekenactiviteit wordt waargenomen.

Voorkomen is beter dan genezen

Het lijkt een beetje een open deur; maar om zo min mogelijk risico te lopen op de nare gevolgen van een tekenbeet is het belangrijk om een beet vooral te voorkomen. Vermijd daarom in tekenrijke omgevingen contact met lage planten en struiken, zodat het voor teken niet mogelijk is om op het lichaam over te stappen, en blijf zoveel mogelijk op de paden. Om het teken lastiger te maken om in contact te komen met de huid, is het belangrijk om goede kleding en schoenen te dragen. Draag daarom dichte schoenen, een shirt of jas met lange mouwen en een lange broek en stop je broekspijpen in je sokken. Voor een nog betere bescherming is het aan te raden je kleding te impregneren met een insectenwerend middel of om je lichaam in te spuiten met DEET met een minimum concentratie van 30%, of Advantix voor je hond. Dat is gewoon te koop bij een dierenwinkel, zoals Pets Place. Overigens geven deze tips geen garantie dat je helemaal niet gebeten wordt. De allerbelangrijkste tip om jezelf en je huisdieren te beschermen is om huid, vacht en kleding goed te controleren. Kijk vooral op warme plekken zoals de oksel, liezen, bilnaad, knieholten en achter de oren. Vind je toch een teek? Verwijder deze dan onmiddellijk. Dit doe je door de teek met een puntig pincet of speciale tekenverwijderaar zo dicht mogelijk op de huid beet te pakken en hem er uit te trekken. Ontsmet hierna het wondje en noteer datum en plek van de beet.

Ziekte van Lyme

Elk jaar worden zo’n 1 miljoen mensen door een teek gebeten. Ongeveer 2 op de 100 mensen krijgt de ziekte van Lyme na een tekenbeet, zo’n 27.000 mensen per jaar. De ziekte van Lyme is een infectieziekte en wordt veroorzaakt door de bacterie Borrelia burgdorferi. Ongeveer één op de vijf teken is besmet met die bacterie. De teek krijgt de bacterie als hij bloed zuigt bij kleine dieren of vogels en draagt deze vervolgens over wanneer diezelfde teek zich tegoed doet aan het bloed van een mens. Het ziektebeeld van de ziekte van Lyme laat zich moeilijk vangen en uit zich in wisselende klachten. Een van de meest voorkomende verschijnselen is een verkleuring van de huid rond de plek van de beet. Ook koorts en spier- en gewrichtspijn behoren tot veelvoorkomende verschijnselen. Zowel de vroege als latere stadia zijn te behandelen met antibiotica, maar het devies geldt: hoe eerder, hoe beter. Verdere behandeling van de ziekte van Lyme verschilt per patiënt. Om te kijken welke behandeling het beste past is in 2013 de CBO-richtlijn Lymeziekte opgesteld.

Benieuwd naar meer manieren om jezelf en je huisdieren te beschermen, kijk op www.tekenradar.nl