Hoe krijg je meer vogels in je tuin?

Ondanks alles inspanningen van mijn moeder moet ik eerlijk bekennen dat ik amper een spreeuw van een lijster kan onderscheiden. Wat niet wil zeggen dat ik niet van vogels houd. Ik herinner me de opwinding van vroeger nog toen de eerste Vlaamse Gaai schichtig in onze achtertuin in Apeldoorn plaatsnam. En hoe we op de fiets door de weilanden enthousiast werden van reigers, die redelijk zeldzaam waren in die tijd. We fietsten kilometers om, om te kijken of het ooievaarsnest bij Zutphen al bewoond was.

Vlaamse Gaai

Laatst zag ik voor het eerst een Vlaamse Gaai op het dak van mijn schuur in hartje Amsterdam zitten. Ik merkte dat ik -net als vroeger- mijn adem inhield en onmiddellijk mijn moeder belde met dit heugelijke nieuws. Maar van een reiger meer of minder kijk ik niet meer op: de stad is ervan vergeven. En een stel ooievaars in het winterlandschap kunnen maar kort op mijn aandacht rekenen. Net als de parkieten, die luid krijsend in grote vlokken door de binnentuinen trekken om zich in de bomen te nestelen.

Ik houd van vogels, van hun vrolijke gefladder en gezang, en word dan ook elk jaar enthousiast van de Nationale Tuinvogeltelling, die dit weekend weer plaatsvindt. Zelf zie ik in mijn tuintje in Amsterdam -naast de verdwaalde Vlaamse Gaai- eigenlijk alleen maar duiven en een paar verdwaalde pimpelmezen (of zijn het koolmezen?) rond hoppen. Maar ik hoor altijd graag hoe het met onze vogelpopulatie gesteld is.

Vogels tellen

De Nationale Tuinvogeltelling wordt sinds 2001 georganiseerd door Vogelbescherming Nederland en Sovon Vogelonderzoek Nederland. Dankzij de Tuinvogeltelling weten we hoe vogels in de winter onze tuinen gebruiken en met die informatie kunnen we vogels beter helpen en beschermen. Het tellen is heel simpel: je gaat een half uur voor het raam zitten en telt de vogels die je in je tuin of op je balkon ziet. Om dubbelingen te voorkomen, geef je alleen het hoogste aantal van de vogels door, die je tegelijkertijd ziet. In mijn geval bijvoorbeeld 3 pimpelmezen (of koolmezen).

De mus

Het afgelopen jaar stond de mus, net als de jaren daarvoor, op nummer één als meest getelde vogel. De vogel werd in minder dan de helft van de tuinen gezien, maar omdat de vogel in groepen leeft, zijn ze toch in de meerderheid. Zo’n groep bestaat gemiddeld uit 8 mussen. De koolmees stond op nummer twee (de pimpelmees op nummer vijf) en de vink (nog voor de merel) op plaats 3. Vorig jaar telde een recordaantal mensen van ruim 70.000 onze vogels.

De merel

De merel is sinds 2016 steeds minder waargenomen, maar leek vorig jaar toch aan een comeback te zijn begonnen. Toen bij mij in de straat vorig jaar de oude iepen werden vervangen door jonge platanen, maakte ik me zorgen over de merels in de straat, maar ze bleven me -ook afgelopen zomer- vrolijk elke ochtend wakker zingen op onchristelijke tijdstippen.

Meer vogels in je tuin

Hoe zorg je ervoor dat je (in de winter) meer vogels in je tuin krijgt? Door ze vooral genoeg te eten te bieden, zegt Marieke Dijksman van Vogelbescherming Nederland op Nu.nl “De bessenstruiken zijn nu helemaal kaal gepikt en als er dan ook nog sneeuw valt, is het moeilijker om voedsel te vinden.” Een ouderwetse vetbol doet dan wonderen. Al zag ik laatst een YouTube-filmpje van een meeuw, die de vetbol in één keer naar binnen schrokte, inclusief plastic omhulsel. Een vetbol zonder plastic netje eromheen is dus aan te raden. Of gewoon losse zaden en bijvoorbeeld een handvol pinda’s. Leg ze wel wat hoger in verband met geïnteresseerde buurtkatten.

Daarnaast is het ook een goed idee om bessenstruiken of een fruitboompje in je tuin te zetten voor de vogels. En laat vooral de opgeharkte bladeren in je tuin op een hoopje liggen (in plaats ze weg te gooien in de kliko)l. Dit is namelijk een rijke voedselbron voor vogels, omdat er bijvoorbeeld spinnetjes en torretjes in huizen.

Een vogelhuisje doet ook wonderen. Vogels zijn ‘maar’ 8 uur per dag op zoek naar voedsel en slapen de resterende tijd grotendeels. In een vogelhuisje kunnen ze schuilen tegen de kou, dus zorgt ook het plaatsen van zo’n huisje voor meer vogels in je tuin. Zorg er wel weer voor dat dit huisje niet binnen het bereik van grijpgrage kattenpoten zit.

Welke vogels heb jij in je achtertuin of op je balkon? Laat het ons weten door hieronder een reactie achter te laten.

Over de schrijver

4 reacties op “Hoe krijg je meer vogels in je tuin?”

  1. Ik kan enorm genieten van alle verhalen over de vele vogels in je tuin…..als je broodkruimels, vetbollen, zaden, nootjes, potjes pindakaas, etc. gaat voeren aan de vogels. Niemand heeft het over het bijeffect dat al de restjes die op de grond vallen en niet door de vogels worden gegeten, voer is voor muizen en ratten in je tuin. Volgens mij wordt dit neveneffect gemakshalve over het hoofd gezien en daar lees ik niets over.
    Is het wel zo verstandig om vogels in deze zachte winter die we hebben, bij te voeren? Een tuin met dor blad, spinnetjes, kleine insecten, struiken/bomen met besjes is ook aantrekkelijk voor vogels en daardoor creëer je geen onbalans in de natuur….

  2. Wij zijn gezegend met een grote tuin vol vogels in een bosrijke omgeving. We hebben 4 voederplaatsen dichtbij het huis en 1 achter in de tuin voor de schuwe spechten en vlaamse gaai. Ik heb meegedaan aan de tuinvogeltelling en was toch nog verbaasd over de hoeveelheden. Pimpelmezen, koolmezen, kuifmezen, staartmezen (hopelijk gaan die alle buxusmottenrupsen en eikenprocessierupsen opeten), roodborst, huismus (nieuw!), vinken, merel, spreeuw, zanglijster, boomklever, grote bonte specht, groene specht en niet gezien maar wel elke nacht te horen: onze bosuil. In onze omgeving ook nog kraaien, kauwen en buizerd, maar die landen niet in onze tuin, wel in de bomen er om heen.

  3. Op mijn balkon (1 hoog) komen dagelijks pimpelmeesjes eten van de pot vogelpindakaas. Heel af en toe zelfs een roodborstje, waarvan ik dacht dat zij alleen op de grond hun voer zoeken. Verder zie ik af en toe 2 of vlaamse gaaien, soms landt er 1tje op de balkonbakken.
    Ook kraaien willen wel eens een hap uit de pindakaaspot nemen.
    Ik ben heel blij met de vogels in mijn omgeving en hopelijk overleven ze de pindakaas, waarvan ik laatst ook weer hoorde dat ze giftig kunnen zijn.
    Overigens, ik woon in een dorp, in de buurt van Tilburg.

Reacties zijn uitgeschakeld.